A factcheck about a claim that appeared in a Flemish newspaper.
(content in dutch)
In vijftig jaar tijd is de zindelijkheidsleeftijd van kinderen met een halfjaar tot een jaar opgeschoven. “Één op de vier kinderen die nu starten in het kleuteronderwijs zijn nog niet droog” lazen we onlangs in De Mor­gen. Ouders krijgen te vaak te horen kin­deren niet te vroeg op het potje te zetten, dat begrijpt professor Aexandra Verman­del, kinesitherapeute aan de dienst urolo­gie in het UZA niet. Volgens haar ligt de leeftijd voor potjestraining op 18 tot 20 maanden. Daarnaast meent professor urologie, Ste­fan Dewachter dat de late zindelijkheidstraining­ kinderen in het zieken­huis brengt. “Vanaf 27 maanden na de geboorde zijn kinderen niet meer be­reid mee te werken aan hun zindelijkheid omdat de periode waarin ze van nature vatbaar zijn voor die prikkels voorbij is” zegt Dewachter. “Als gevolg daarvan gaan kinderen een ophoudgedrag hanteren waardoor ze vaak met een lavement in het ziekenhuis belan­den”.
Maar is dat ook effectief zo?
Het artikel baseerde zich op twee onder­zoeken: Eén van Alexandra Vermandel uitgevoerd in 2007 en één van toenmalig doctoraatsstu­dente Medische Wetenschappen, Nore Kaerts in 2011.
Het onderzoeksteam dat meewerkte aan de study van Nore Kaerts: toilet training in day care centers in Flanders, Belgium verkreeg haar onderzoeksgegevens door een vragenlijst te sturen naar 1500 verschillende crèches in Vlaanderen. Slechts 429 vragenlijsten werden ingevuld teruggestuurd, dat is een responspercentage van 29%. Daaruit bleek dat 21,4% van de kinderen die toen startten de bevraagde kleuterscholen, niet zindelijk waren. Dat is een ander getal dan in De Morgen. De krant rondt het getal 3,6% naar boven af, terwijl dat logischerwijs 1,6% naar beneden zou moeten zijn. Dat zou de uitspraak zodanig veranderen dat één op de vijfkinderen niet zindelijk zou zijn bij aanvang van hun kleuterschoolcarrière.
Vermandels onderzoek ging kijken welke werkdruk er ontstaat bij kleuterleidsters met onzindelijke kleuters in hun klasje. En hoewel De Morgen vooral de mos­terd is gaan halen bij Kaerts’ onderzoek, is er toch een opmerkelijke uitspraak in verband te brengen met het artikel. Vermandels onderzoek meent dat de tijdspanne tussen de 18 en 20 levensmaanden de perfecte leeftijd voor zindelijkheidstraining vormt. Voor die uitspraak baseerde het onderzoek zich op een artikel van het vaktijdschrift, Pediatricsgepubliceerd in 2002, dat heeft De Morgen niet vermeld.
CONCLUSIE:
De Morgen heeft de bevindingen van Kaerts’ onderzoek vervormd door het resultatenpercentage foutief af te ronden. Daardoor zei de krant dat één op de vier kleuters onzindelijk zijn bij aanvang van hun kleuterschoolcarrière ter­wijl de resultaten dichter bij één op de vijf liggen. Voor beide onderzoeken geldt dat zowel het responspercentage als de leeftijd van de bevindingen verder onderzoek vereisen om een duidelijker­ beeld te scheppen over het hedendaags­ zindelijkheidspatroon bij kleuters.

You may also like

Back to Top